|
There are no translations available.
Een wandelaar is afhankelijk van de weersomstandigheden en dient dus op alles voorbereid te zijn. Een redelijk complete uitrusting bestaat uit: - stevige, goed ingelopen, wandelschoenen - sokken, naadloos en perfect passend dus nergens te ruim vallend (waardoor er kans is op plooivorming en de voet gaat glijden in de sok) - shirts of blouses, twee stuks, al of niet met korte mouw - shirt of blouse met lange mouw - twee broeken, twee lange broek, lichtgewicht, lekker stofje, met afritsbare pijpen of een lange en een korte - fleece jack; - ondergoed, drie slips - hemdje/T-shirt om in te slapen - Eventueel lange onderbroek, in koude nachten te gebruiken als pyjama - poncho, rugzakbedekkend je en een waterdichte hoes voor over de rugzak; - eventueel regenbroek - hoofddeksel, een opvouwbare hoed met brede rand of zonnepet, bij koude een bivakmuts, bij hitte een zweetbandje; - zakdoeken, evt. papieren zakdoekjes; - slippers of sandalen voor ‘s avonds. - toiletartikelen in kleine hoeveelheden - kaarten - zwitsers zakmes
TIP Een gevulde rugzak mag nooit meer wegen dan 20% van je lichaamsgewicht.
‘Alles wat je thuis laat, is meegenomen’.
|